Door Laurens Bloem, coach voor persoonlijk leiderschap en teamontwikkeling bij In-Bloom.
Een collega loopt vast en komt bij jou. Je ziet de oplossing en regelt het. De klus is verder geholpen. Bij het volgende probleem staat dezelfde collega weer aan je bureau. Ondertussen vraag je je af waarom je team zo weinig verantwoordelijkheid neemt.
Verantwoordelijkheid vraagt om heldere verwachtingen, voldoende ruimte om te handelen en gesprekken over wat er werkelijk gebeurt. Ook jouw reactie als leidinggevende speelt daarin mee.
Is duidelijk wat iemand zelf mag beslissen?
‘Pak meer eigenaarschap’ klinkt helder, maar laat veel vragen open. Waarover mag iemand besluiten? Wanneer is afstemming nodig? Welke tijd, informatie en middelen zijn beschikbaar?
Neem één taak die blijft liggen. Vraag de verantwoordelijke hoe die de opdracht en beslisruimte begrijpt. Vergelijk dat met jouw verwachting. Soms zit het verschil daar al.
Wat gebeurt er wanneer iemand initiatief neemt?
Je zegt dat medewerkers zelf moeten kiezen. Maar als iemand een andere keuze maakt dan jij zou doen, draai je die terug zonder gesprek. Het is voorstelbaar dat iemand de volgende keer eerst toestemming vraagt.
Dat betekent niet dat je iedere keuze moet goedkeuren. Bespreek de afweging: wat wist de ander, welke opties zag die en welke grens was afgesproken? Zo wordt duidelijk wat iemand kan leren en waar jouw kader scherper moet.
Help je iemand verder of neem je het over?
Snel oplossen voelt behulpzaam. Het kan ook betekenen dat de verantwoordelijkheid ongemerkt weer bij jou terechtkomt. Probeer bij een volgende vraag eerst te onderzoeken:
- Wat is precies het probleem?
- Wat heb je al geprobeerd?
- Wat stel je zelf voor?
- Wat heb je van mij nodig om verder te kunnen?
Een collega die kennis of capaciteit mist, heeft gerichte ondersteuning nodig. Alleen terugzeggen ‘dat moet je zelf oplossen’ maakt de opdracht niet uitvoerbaar.
Maak opvolging gezamenlijk
Leg bij een afspraak vast wie handelt, wanneer iemand terugkoppelt en wat die doet als het niet lukt. Bespreek afwijkingen op tijd. Kijk ook naar wat wél werkt, zodat initiatief niet alleen aandacht krijgt wanneer er iets misgaat.
Gebruik bijvoorbeeld: ‘We hadden vrijdag een terugkoppeling afgesproken. Die heb ik niet ontvangen. Wat speelde er, en wat spreken we nu af?’
Een vraag voor jezelf
Denk aan een recent moment waarop je iets overnam. Was dat nodig, of vond je het lastig om onzekerheid, een andere aanpak of vertraging te verdragen? Daar kan jouw eigen oefening liggen.
Blijft dit patroon terugkomen tussen jou en het team? In teamcoaching onderzoeken we hoe jullie elkaar beïnvloeden en welke afspraken helpen om anders te handelen.


